Didactische bekwaamheid

Motiveren en inspireren

Ik streef naar betekenisvol onderwijs door de leerstof te koppelen aan actualiteiten en de belevingswereld van de leerlingen. Ik daag de klas én de individuele leerling graag uit. Mijn doel is dat leerlingen zich ontwikkelen conform hun mogelijkheden en trots zijn op hun leerproces. Doordat het een kracht van mij is om een goede relatie met de leerlingen op te bouwen, zet ik deze ook in om de leerlingen te motiveren en inspireren. Ik merk dat een goede band dit proces positief bevorderd.

Bewijs: In plaats van enkel de theorie uit het boek te behandelen, zoek ik de verbinding met de praktijk. Zo liet ik leerlingen bij het thema 'omtrek en oppervlakte' de school in gaan om onderdelen zoals traptreden, plafondplaten en leerpleinen op te meten. Bij het hoofdstuk Ruimtefiguren, zochten leerlingen naar meetkundige vormen in het gebouw. Ze fotografeerden of tekenden deze en stelden vervolgens hun eigen toetsopdrachten op, inclusief uitwerking en normering. Het zelf maken van (toets)opdrachten koppel ik ook regelmatig aan een presentatie. Leerlingen presenteren hierbij in groepjes hun opdracht en uitwerking hiervan. De groep is als het ware nu de expert van de opdracht en legt het aan de rest van de klas uit. Na alle presentaties is dan vrijwel het hele hoofdstuk aan bod gekomen. Leerlingen kunnen in dit soort opdrachten hun creativiteit kwijt en zijn vrij om de verschillende rollen (bedenken vraag, maken uitwerkingen, maken presentatie etc.) zelf te verdelen. Zo kan iedereen zijn krachten laten zien.

Door deze activerende aanpak en de koppeling aan presentaties, wordt wiskunde meer zichtbaar en tastbaar. Dit vertaalt zich mijns inziens direct in de resultaten: mijn havo-klassen scoren structureel hoog, en ook in mijn vwo-klassen (waarin ik nauw samenwerk met collega's als Kiki en Serge) presteren de leerlingen uitstekend. Voor mij is dit een bewijs dat een gemotiveerde leerling tot betere prestaties komt.

Pepijn: Als ik langs het lokaal van Niels loop zie ik dat hij gebruik maakt van verschillende werkvormen. Directe instructie, BTC, werken in groepjes, expert-vorm en les buiten het lokaal (verschillende wiskundige objecten meten bijvoorbeeld) zie ik meermaals voorbijkomen. 

Chesten: Hij heeft oog voor leerlingen, weet hen te motiveren en creëert een veilige leeromgeving

Marcel B: Als ik dan een enkele keer bij jou binnenkwam in de les, waren de leerlingen rustig aan het werk en zaten ze gewoon wiskunde te doen met hun boek en schrift en rekenmachine voor zich. Ook de leerlingen die ik bijna niet aan het werk kreeg, die zag ik werken bij jou. Ik had zoiets van: HOE DAN.

Serge: Niels maakt veel oefenstof voor de leerlingen t.b.v. onder andere de toetsvoorbereiding. Dit is erg helpend voor de leerlingen. Deze oefenstof deelt hij ook met de sectiegenoten in de jaarlaag.

Instructie

Mijn instructies zijn kort, bondig en kernachtig. Ik zorg dat leerlingen precies weten wat het lesdoel is, zodat ze daarna doelgericht en zelfstandig aan de slag kunnen. De instructie is een interactief moment waarin we samen voorkennis ophalen en de stap naar nieuwe stof zetten.

Bewijs: Door het gebruik van heldere leerdoelen en gedifferentieerde opdrachten (mild/medium/spicy), weten leerlingen precies wat er van hen verwacht wordt. Ik zet doelgerichte leerlijnen uit die verder gaan dan alleen het maken van opdrachten, wat zorgt voor duidelijkheid in de klas. Voor leerlingen die extra ondersteuning nodig hebben, verzorg ik een verlengde instructie, terwijl de rest van de klas zelfstandig of in tweetallen aan de slag gaat.

Daphne: Daarnaast heb ik regelmatig zijn wiskundelessen geobserveerd. In zijn lessen heerst rust en duidelijkheid; leerlingen weten wat er van hen verwacht wordt. Niels heeft oog voor zijn leerlingen en stelt gerichte vragen om te controleren of zij de leerstof begrijpen en kunnen worden toegepast. Waar nodig biedt hij verlengde instructie of juist extra uitdaging, zodat iedere leerling op zijn of haar eigen niveau wordt aangesproken.

Differentiëren

Ik (h)erken de verschillen in de klas en speel hier op in. Ik durf buiten de kaders van de methode te denken en pas de opdrachten aan waar nodig. Door veel met subgroepen te werken, creëer ik ruimte voor zowel verdieping als extra ondersteuning.

Bewijs: Omdat ik mijn leerlingen goed ken, kan ik nauwkeurig inschatten wat zij nodig hebben. Terwijl een deel van de klas direct zelfstandig aan de slag gaat, bied ik een andere groep een verlengde instructie of persoonlijke uitleg aan. Door mezelf constant tussen de leerlingen te begeven, kan ik snel schakelen en inspelen op individuele behoeften. Je zal me tijdens een les dan ook altijd actief in het lokaal aanwezig zien. Ik observeer veel en kan daardoor snel schakelen als een leerling vastloopt of hulp nodig heeft. Daarnaast mogen leerlingen die de stof goed beheersen bij een andere groep aanschuiven om deze te ondersteunen bij de opdrachten. Ik zet dus ook vaak leerlingen in om hun klasgenoten verder te helpen.

Daphne: Wat opvalt, is dat Niels niet alleen differentieert in leerstof, maar ook in persoonlijke benadering. Hij beweegt zich actief door het lokaal of studieplein en maakt persoonlijk contact met leerlingen om in te spelen op hun behoeften. 

Activerende didactiek

De directe instructie is slechts één manier van onderwijzen. Ik zet regelmatig activerende werkvormen in om leerlingen op verschillende manieren met de stof bezig te laten zijn. Dit helpt de leerling te ontdekken welke leerstrategieën voor hen werken en stimuleert het onderlinge leerproces.

Bewijs: Naast de eerder genoemde praktijkopdrachten over omtrek en ruimtefiguren, maak ik veel gebruik van methodieken zoals BTC, expertgroepjes, groepsduel en estafette-werkvormen. Hierbij wordt meer gevraagd dan alleen wiskundig inzicht; leerlingen moeten samenwerken en elkaars talenten benutten bij het uitwerken en presenteren van opdrachten. Zo ontwikkelen ze naast wiskundige kennis ook essentiële '21st century skills'.

Pepijn: Als ik langs het lokaal van Niels loop zie ik dat hij gebruik maakt van verschillende werkvormen. Directe instructie, BTC, werken in groepjes, expert-vorm en les buiten het lokaal (verschillende wiskundige objecten meten bijvoorbeeld) zie ik meermaals voorbijkomen. In zijn handelen is Niels prettig en voorspelbaar, zo creëert hij een fijne en veilige sfeer in de klas. Tegelijkertijd is hij continu bezig om zijn onderwijs te verbeteren en te versterken door gebruik te maken van de juiste werkvormen.

We hebben je toestemming nodig om de vertalingen te laden

Om de inhoud van de website te vertalen gebruiken we een externe dienstverlener, die mogelijk gegevens over je activiteiten verzamelt. Lees het privacybeleid van de dienst en accepteer dit, om de vertalingen te bekijken.